Tepel-speenverwarring

Uit Babypedia

Ga naar: navigatie, zoeken

Tepel-speenverwarring is de verwarring die baby's ervaren wanneer zij zowel borstvoeding krijgen als voeding uit een fles. Hiermee wordt het aanleren van de drinktechniek verstoord.

Omschrijving, achtergrond en techniek

Het zoogdier de mens bestaat al eeuwen, en in grote getale. Het mini-mensje dat zich ontwikkeld heeft in de baarmoeder is toegerust met een vernuftig systeem dat er voor de geboorte al voor gezorgd heeft dat er melk is, met precies de rijpingsfactoren die nodig zijn om verder uit te groeien tot grotere mensjes. Want de mensen-baby is het minst 'af' van alle andere zuigelingen uit de zoogdieren wereld en moet nog "narijpen".

Het gereedschap om deze rijping in te zetten bestaat uit de aangeboren reflexen die worden bijgeleverd na aflevering: zuigreflex, huilen, het herkennen van de moeder etc. Krijgt het kind, in de baarmoeder nog iedere seconde zijn voeding, eenmaal geboren duurt het wel twee tot vier uur voor er weer gedronken wordt. Moedermelk wordt "geabsorbeerd" in tegenstelling tot flesvoeding, die moet worden verteerd. Dit laatste kan een pasgeborene nog niet zo goed, omdat het spijsverteringssysteem nog niet helemaal klaar is.

De voeding houdt een baby warm en wanneer de melk niet meer voor zijn of haar lichaamswarmte zorgt zal de baby dit aan de moeder laten weten door te huilen. Wordt een baby te warm in zijn bedje gehouden, dan zal dit signaal wat later klinken. De eerste dagen als een babyhuidje nog nat is door het verblijf in moeders' buik zal het kind een voorverwarmde plek wel op prijs stellen, maar verder heeft het geen extra warmte nodig.

Soms is huilen ook niet het eerste signaal: een zoekend open mondje kan betekenen "
kan ik aangelegd worden?" Als de baby tot de oortjes wordt vastgehouden, opkijkend naar de borst, en de tepel beroert het bovenlipje van de baby, zal de mond wijd opengaan. De borst vormt zich naar de vorm van baby's mond (in tegenstelling tot fopspeen of flessenspeen) waardoor er weinig kans is dat er ook lucht langs de zijkanten naar binnen wordt gedronken. Lucht wil er eventueel later weer uit en kan zo voeding mee omhoog brengen. Bij een goed aangelegd baby is dit niet het geval.

Dan gaat het als volgt verder: de baby gaat met zijn tong (tenzij het tongriempje nog niet helemaal los is) verder in de borst en komt op de punten waar het hormoon oxytocine wordt geactiveerd. Door de samentrekkingen die plaatsvinden door dit hormoon komt er vet door de vloeistof die elke ochtend van een lacterende vrouw in haar borsten stroomt. Hierdoor wordt borstvoeding zwaarder en geldt het als zowel drinken als eten. Bij foutief aanleggen is er geen garantie dat er “gegeten” wordt, waardoor de ontlasting kan uitblijven, de baby niet goed groeit, het kind geen verzadigd gevoel heeft en snel weer een hongerprikkel voelt, het kind niet wil stoppen met zuigen en de borsten te vol blijven waardoor er in de avond geen slaap-eiwit is (dat wordt aangemaakt als overdag de borsten goed leeggedronken worden).

Wanneer de baby zijn of haar mond vult met borstweefsel heeft moeder geen kans op tepelpijn, tenzij hiervoor een andere oorzaak is. Moeders tepel stimuleert het slikpunt van de baby, dat enigszins achterin in de mond zit. Doordat dit slikpunt gebruikt wordt gaat ook de maagspier open en dicht, is er peristaltiek in de slokdarm en stroomt de melk makkelijk door naar de darmen die nog een doorlaatbare darmwand hebben. Op die manier heeft de baby volop profijt van de moedermelk, ervaart het volop de rijpingsfactoren, geniet het volop van de vetketens van de juiste lengte die zorgen dat hersenkwabben met elkaar in verbinding worden gebracht, en gebeuren er nog meer dingen die positief zijn voor de ontwikkeling van het kind. De aangeboren reflexen moeten dus op de juiste manier worden gebruikt. Helaas wordt dit hele systeem verstoord wanneer de baby indirect wordt gevoed. Doordat er onvoldoende oxytocine vrijkomt laat de moederkoek na de bevalling bijvoorbeeld wellicht minder makkelijk los.

Het systeem wordt ook verstoord wanneer de baby een speen (fopspeen, flessenspeen of tepelhoedje) krijgt. Door spenen en verwante artieklen leert de baby een verkeerde drinktechniek, waardoor de aangeboren reflexen niet meer werken en de borstvoeding mislukt. Het gebruik van deze producten, dus fopspeen, flessenspeen en/of tepelhoedje, zijn hiervan de oorzaak, niet zozeer de oorzaken die vaak worden genoemd zoals het produceren van te weinig melk. Kennis van de lactatiekunde is kennis van de biologische handvatten waarmee moeder en kind zijn toegerust.

Tepel-speelverwarring in de praktijk

Niet alleen in de ziekenhuizen, maar ook als de baby thuis geboren wordt, is men zich vaak nog niet bewust van de gevolgen door tepel-speenverwarring. Een baby kan soms niet meer goed uit de borst drinken zoals het bedoeld is en wat het van nature eigenlijk prima kan. Veel lichamelijk contact met de moeder kan de situatie zoals die van net na de geboorte, toen het de moeder rook en de geur herkende, weer terughalen. Moedergeur maakt de baby actief in het vragen om melk.

Ook met behulp van een lactatiekundige kan het zijn dat een baby verward blijft. Het kan dan helpen om speciale zachte tepelhoedjes te gebruiken om de baby tegemoet te komen in zijn speen-drinktechniek. Soms ontspannen baby's dan, waardoor de diagnose "tepel-speenverwarring" kan worden gesteld. Met behulp van compressie kan er eventueel voldoende melk langs het slikpunt in de mond van de baby komen, waardoor het kind blijft doordrinken. Geleidelijk aan kan er dan voor het aanleggen wat van het boventopje van de tepelhoed geknipt worden om teruggang naar de borst te bevorderen. Het tegelijkertijd laten afkolven van de andere borst kan de stroom melk in de borst waaruit de baby drinkt ook bevorderen.

Tepel-speenverwarring blijft iets spannends voor moeder en kind en het gebeurt veelal dat moeders overgaan op het voeden van hun kinderen met de fles. Het kan dan een oplossing zijn om moedermelk af te blijven kolven me een goede kolf die de melk uit de borst haalt zoals een baby dat zou doen. Ook vingervoeden en cupfeeden zijn mogelijkheden die een lactatiekundige een gezin kan aanleren. Lactatiekundigen blijven erbij dat goed aanleggen de basis is van een geslaagde borstvoeding.

Auteur

De eerste versie van dit artikel is geschreven door Rosa Scharn.

Zoekwoorden

Borstvoeding, flessespeen, spenen, speentje

Speciale pagina's