Borstvoeding - alert drinken

Uit Babypedia

Ga naar: navigatie, zoeken

Voor een geslaagde melkvoeding is het nodig dat het drinkende kind alert genoeg is.

Wanneer baby's alert drinken

Achter in het mondje, voorbij het zachte verhemelte, zit het slikpunt. Als daar iets op komt zal de baby reflexmatig doordrinken. Als er goed is aangelegd kan de borst, meer dan de tepel, zover in de mond komen van de baby (bij vingervoeden is dat een volwassen vinger). Zelfs als de baby wat suffig is door bijvoorbeeld een glucose-dip, opgelopen door daarvoor onvoldoende goed gedronken te hebben. Goed drinken hangt dus samen met de prikkel van het slikpunt. En dat lukt als de overige aangeboren reflexen goed begrepen en toegepast worden.

Als er weer nieuwe "brandstof" nodig is, wanneer de melk verbruikt is, krijgt een baby het koud, waarop deze reageert door hongersignalen af te geven. Een baby hoeft niet per se te huilen om te laten weten dat er gedronken moet worden. In eerste instantie zal hij of zij met een wijd open zoekend mondje aangeven op zoek te zijn naar de moeder met haar melk. Hierbij hoeft in principe niet naar de klok gekeken te worden, soms vraagt een kind vaker om eten dan anders. Als er eerder niet op de hongersignalen is gereageerd zal het kindje de signalen sterker maken. Het sterkste signaal is gehuil. Het lichaam van een borstvoedende moeder reageert hierop met het toeschietreflex. Moeders kennen over het algemeen de verschillende geluiden van hun kinderen en onderscheiden de signalen waarbij kinderen om aandacht vragen van de signalen waarmee zij aangeven een hongerprikkel te hebben.

Oorzaken van niet-alert drinken

In principe kan er vanuit worden gegaan dat baby's voldoende voeding binnenkrijgen wanneer zij op verzoek worden gevoed. Afhankelijk van de situatie in de baarmoeder voorafgaand aan de geboorte drinkt een baby voldoende wanneer hij of zij uit zichzelf om voeding vraagt met een tussenpoos van 2 tot 4 uur. Premature of dysmature baby's hebben vaker dan dit voeding nodig.

Toch kunnen er zich omstandigheden ontwikkelen waardoor een baby niet doordrinkt of te veel uren tussen de voedingen laat. Dit kan resulteren in een dip in het glucose-niveau in het bloed waardoor de baby niet snel om een voeding vraagt.

Voorverwarmen van het bedje

De eerste uren of dagen na de bevalling is het wel handig om het het bedje wat voor te verwarmen. Na al die maanden in vruchtwater te hebben geleefd is het huidje nog wat vochtig. Warmte is dan comfortabel. Houdt men deze plek uit liefdevolle gedachte altijd warm, misschien te warm, dan wordt het proces van signalen geven van de baby verstoord en geeft deze niet aan dat het weer tijd is voor de volgende voeding.

Vermoeidheid van de baby

Wordt de baby vermoeid door een badje en is er pas na het afdrogen en aankleden tijd voor drinken dan stopt hij of zij misschien voor het einde van de voeding met drinken. Een moeder kan bijvoorbeeld vóór het badje een borst aanbieden en na het badje de andere. Dan is het wellicht handig als een ander persoon tijdens het drinken van de eerste borst het badje klaar wil zetten. Flesvoeding voorafgaand aan een badje kan eventueel lastig zijn omdat de vertering ervan zwaarder is dan de vertering van moedermelk, waardoor het langer in de maag blijft en misschien naar boven komt. Moedermelk stroomt van nature door. Tenzij er schimmel in het spel is, waardoor de melk yoghurtachtig wordt en moeilijk doorstroomt.

Verkeerde aanleg

Of er goed gedronken wordt, en of de borstvoedingsperiode mislukt of slaagt, hangt verder af van de manier waarop er aangelegd wordt. De aangeboren reflexen van de baby maken dat deze weet hoe dat moet. Als een baby goed aangelegd wordt zal deze laten merken dat het goed is. Uitzonderingen van fysiologische afwijkingen daargelaten heeft elke vrouw de aanleg voor voldoende melkproductie. Ook vrouwen zonder baarmoeder en vrouwen die niet zwanger zijn geweest kunnen borstvoeding geven. Goed management zorgt voor voldoende melk voor de baby. De juiste manier van aanleggen zorgt ervoor dat de baby uit zichzelf loslaat als er voldoende gedronken is. Een onjuiste manier van aanleggen kan ervoor zorgen dat de receptoren in de borst die oxytocine afgeven niet bereikt worden met zijn drinkbewegingen. De oxytocine zorgt ervoor dat de borst melkvet en vocht mengt, waardoor de melk de juiste samenstelling krijgt en de voedingswaarde ervan gelijk staat aan een volledige maaltijd voor de baby. Oxytocine zorgt er ook voor dat de melk naar de uitgangen in de tepel stroomt. Als de melk stroomt blijft de baby doordrinken.

Compressie als oplossing voor niet-alert drinken

Een manier om een kind alsnog goed te laten drinken is compressie. Bij compressie wordt met een volwassen hand een babymond nagedaan, waardoor de receptoren toch worden bereikt en waardoor de oxytocine zijn werk gaat doen, de melk stroomt, het slikpunt wordt geactiveerd en de baby doordrinkt, ook als deze suffig is.

De moeder of een andere volwassene kan compressie toepassen door vier vingers van haar hand onder de borst waar de baby is aangelegd tegen haar ribbenkast te leggen en de duim boven haar borst te plaatsen. Voor de borst lijkt dit een vergroting van de onder-en bovenkaak van een baby. Die “kaken” kunnen vervolgens naar elkaar toekomen en weer terug worden gezet, net als een goed drinkende baby ziet dat doet. De baby zal gaan doordrinken als resultaat van compressie. Als de baby eenmaal goed drinkt moet goed worden gekeken waarom of waardoor het kind dat eerder niet deed, en hoe dit probleem aangepakt moet worden.

Compressie is over het algemeen niet lang nodig.

Auteur

Dit artikel werd geschreven in samenwerking met Rosa Scharn.

Speciale pagina's